Mantrailing / Dogtrailing
(Trailing)
Bij mantrailing of dogtrailing volgt de hond een persoon of een andere hond op zijn eigen manier. Hij gebruikt zijn neus om geurspoor op te pikken: bijvoorbeeld de beschadigingen op de grond, huidschilfers in de lucht, of lichaamsgeur die door de wind wordt meegenomen.
Om het zoeken te starten, krijgt de hond een geurartikel. Voor een persoon die gezocht moet worden kan dat geurartikel een handdoekje, t-shirt of drinkflesje zijn.
Voor een hond kan het een fleecespeeltje, deken of halsband zijn.
Het gaat erom dat het artikel de geur van degene bevat die gezocht wordt, ongeacht hoe of waar diegene gelopen heeft.
Het doel is altijd hetzelfde: de persoon of hond zo snel mogelijk vinden.
Honden volgen dus geen voorwerpen, maar de geur van het spoor.
(Het is wel mogelijk dat tijdens mijn lessen af en toe een voorwerp op het spoor wordt gelegd om de hond extra te kunnen belonen als hij hiernaar verwijst).
Tijdens het speurwerk draagt de hond een tuig met een lange lijn van zo’n 10 meter, zodat hij vrij kan bewegen en optimaal kan werken.

