Tracking


Tracking werkt net iets anders dan mantrailing.

Hier start je rustiger, zodat de hond de kans krijgt de geur goed op te nemen.

Bij tracking leert de hond om elke voetstap van een persoon op te sporen.

Hij speurt met zijn neus over de grond en verwijst voorwerpen die op het spoor liggen. Deze voorwerpen dragen de natuurlijke geur van de weggelopen persoon.

Voorbeelden van geur die we overal achter laten:

- huidschilfers die we overal verliezen

- de bodembeschadiging die we achterlaten door onze schoenen

- lichaamsgeur


Tracking kun je combineren met mantrailing. Zo kun je de hond tussendoor belonen voor het vinden van voorwerpen én aan het eind voor het voltooien van het spoor. Dat houdt hem gemotiveerd en laat zien dat hij het juiste spoor volgt.


De hond werkt met een tuig en een lijn van zo’n 5 meter.